Overslaan en naar de inhoud gaan

‘Basis vroegsignalering is op orde, nu verder zoeken naar wat goed werkt’

Verslag landelijke bijeenkomst Vroegsignalering 30 mei

‘Basis vroegsignalering is op orde, nu verder zoeken naar wat goed werkt’

23 juni 2022 Schuldeisers

Anderhalf jaar is vroegsignalering van schulden nu een wettelijke taak van gemeenten. Om te leren van elkaars ervaringen én vooruit te blikken organiseerde de NVVK samen met VNG en Divosa een bijeenkomst. Met de cijfers en ervaringen van het eerste jaar kunnen we de vraag ‘wat werkt voor wie’ nog niet helemaal beantwoorden. Maar die vraag blijft wel leidend voor het vervolg. 

Marco Florijn, voorzitter van de NVVK, opent de bijeenkomst door 26 vroegsignaleerders, schuldhulpverleners en signaalpartners welkom te heten. 120 van hen zijn naar het Muntgebouw gekomen voor het hele programma inclusief themasessies, de rest volgt online het plenaire deel.  

Bekijk hier een 8 minuten durende samenvatting van de presentaties:

Cijfers van het opstartjaar 

Larissa van Es, onderzoeker en procesmanager bij Divosa, presenteert cijfers van de Divosa Monitor Vroegsignalering Schulden over 2021. Voor veel gemeenten een jaar van opstarten, experimenteren en bijstellen. Eind 2021 deden 160 gemeenten aan de monitor mee (inmiddels zijn dat er 200). In 2021 kregen zij 380.00 signalen. Dat zijn er gemiddeld 3 per 100 inwoners per maand, met binnen het jaar een stijging van 2,7 naar 3,4. Driekwart van de signalen komt in de monitor terug als melding. In de andere gevallen kloppen bijvoorbeeld de gegevens niet, is iemand al bekend bij de schuldhulp of is de betaalachterstand te laag om te voldoen aan het proportionaliteitsbeginsel.   

Veel variëteit bij het opvolgen 

Gemeenten hebben niet de capaciteit om aan alle signalen evenveel aandacht te besteden. Ze geven daarom voorrang aan meervoudige signalen of hogere betaalachterstanden. Ook zaken als leeftijd of terugval spelen een rol. Vanwege hun beleidsvrijheid gaan gemeenten verschillend te werk bij het opvolgen van signalen. Bellen staat bovenaan, ook vanwege de coronamaatregelen, gevolgd door brieven, mails en huisbezoek.  

8000 mensen kregen hulp  

Van alle meldingen leidt 17,2% tot contact en 3,4% tot acceptatie van hulp. In 60% van de gevallen blijkt een snelle oplossing voor de betaalachterstand mogelijk, bij de rest volgt een doorverwijzing 

Divosa-onderzoeker Van Es benadrukt dat de impact van vroegsignalering groter is dan de cijfers laten zien. De cijfers meten namelijk alleen directe hulpaanvaarding, niet of iemand later hulp accepteert, zelf naar aanleiding van de gemeentelijke actie een schuldeiser belt of zelf contact opneemt met de gemeente. Divosa gaat nu aan slag met thematische analyse van de data, verbetering van het dashboard en het met elkaar in contact brengen van gemeenten met vergelijkbare uitdagingen.  

‘Gouden kans om echt te helpen’ 

Van Es schrikt niet van de bescheiden aantallen mensen die de gemeente in dit opstartjaar heeft kunnen helpen. Ze is blij dat er überhaupt al mensen vroege hulp accepteren. Nu moeten we verder gaan zoeken naar wat werkt.Een vertegenwoordiger van Stadsbank Leiden merkt op dat het percentage al hoger is dan het jaar ervoor. Marc Räkers van Stichting Eropaf concludeert dat we de techniek van contact maken nog moeten verbeteren. Hij ziet daarin een gouden kans voor maatschappelijk werkers om terug te gaan naar de basis: een connectie aangaan en iemand helpen weer zelfstandig zijn leven te leiden.  

Hulp met beide handen aangenomen

Dat contact maken werkt, kan ervaringsdeskundige Chayenne bevestigen. Vanwege een huurachterstand stond begin 2019 Thushari Koppejan van GR de Bevelanden bij haar op de stoep. Chayenne: Mijn ontruimingsbevel lag al bij de deurwaarder. Gas en licht waren afgesloten en toen stond Thushari voor de deur. Dat was schrikken. Ik werd met mijn neus op de feiten gedrukt. Ik was 22, verslaafd en had geen vrienden om me heen. Thushari heeft alles in gang gezet en ik heb de hulp met beide handen aanvaard. Stralend: ‘Nu ben ik clean, heb een goede baan en heb mijn woning nog steeds!’ 

'Bloedhete overdracht' 

Hoe gaat Koppejan, finalist voor de verkiezing Financiële hulpverlener van het jaar 2022’, zo’n huisbezoek in? Heel blanco, ik kijk vooraf alleen of de gegevens kloppen en dan ga ik het gesprek aan', vertelt ze. 'Chayenne liet me wel binnen, maar niet makkelijk. Zo’n jonge meid, die wilde ik echt helpen. Dan kan ik heel vasthoudend zijn. Hoe krijg ik haar uit de verslaving? Alleen red je dat niet. Ik heb de sociale kaart van de gemeente op de harde schijf in mijn hoofd. 

‘Uiteindelijk is er onder meer een traject ingezet om te breken met de verslaving. Het kostte tijd voordat ze daaraan toe was, dus schuldenrust was niet direct haalbaar. Daarom was er bewind nodig. Ik ben van de bloedhete overdracht, dus ik ben meegegaan zodat ze haar verhaal niet opnieuw hoefde te vertellen. Zo kon ik aan de bewindvoerder ook al tips geven waar die op moest letten. 

De basis op orde 

Larissa Jongenelen, implementatiemanager van het Programma Verbinden Schuldendomein bij VNG Realisatie, constateert dat de transitiefase van vroegsignalering nu wel is afgerond: ‘De administratie is op orde, de bevoegdheden geregeld. Veel gemeenten hebben er formatie voor vrijgemaakt. Nu staan we aan het begin van de transformatie. We moeten zorgen dat we de wet voor ons gaan laten werken en de juiste signalen op de juiste manier oppakken om inwoners te bereiken. Maar ook de samenwerking in de keten versterken. Je kunt het niet alleen. 

Wat werkt waar? 

Veel gemeenten zijn volgens haar zoekende en willen van elkaar leren. Dat wil VNG stimuleren. Maar het is lastig, want bij de ene gemeente werken brieven voor een afspraak op het gemeentehuis fantastisch, terwijl je dat in bijvoorbeeld Amsterdam niet hoeft te proberen. Ellen Hennekens, senior beleidsadviseur bij de NVVK, wijst ook op het belang van een goede timing. Mensen moeten hulp wíllen accepteren. Niet iedereen is er bij het eerste signaal al klaar voor. Het blijft zoeken hoe je mensen bereikt en wanneer ze zelf een hulpvraag ervaren.  

Bestaanszekerheid onder druk 

Het belang van vroegsignalering gaat volgens Hennekens de komende tijd alleen maar toenemen. De Belastingdienst gaat na corona weer invorderen, banken signaleren weer meer bankbeslag, de energietarieven schieten omhoog en er is inflatie. We zien de eerste groepen met financieel modelgedrag die toch de eindjes niet meer aan elkaar kunnen knopen. Dat kunnen vroegsignaleerders niet oplossen. Het is daarom fijn dat schuldeisers daar ook mee bezig zijn. Zeker de energieleveranciers, maar ook banken. We kunnen en moeten er samen voor zorgen dat deze mensen niet door het ijs zakken. 

Samen aan de bak 

Hennekens: ‘De NVVK en de VNG lobbyen bij het Rijk dan ook voor meer bestaanszekerheid. Daar wordt naar geluisterd en de eerste stappen zijn gezet: belastingverlaging op energie, een versnelde verhoging van het minimuminkomen en verhoging van de belastingvrije uitkering van de kilometervergoeding. Dat werkt dempend, maar is niet genoeg om alle problemen te voorkomen. Jongenelen: ‘De komende jaren moeten gemeenten in de volle breedte, met alle beleidsterreinen, rijksoverheid én schuldeisers samen aan de bak. In gesprek blijven met elkaar en van elkaar leren om financiële problemen zoveel mogelijk te voorkomen. VNG en de NVVK zullen daarbij helpen. Het wordt een doorlopend proces, we zullen nooit uitgeleerd raken. 

Downloads

Lees ook 

Sleutelwoorden

Schuldeisers