'Van elkaar leren en reflecteren'
Team Wegwijzers wint de Expeditie over begeleiding
Bij de Regionale Sociale Dienst Kromme Rijn Heuvelrug (RSD) is begeleiding en nazorg een onderdeel van het takenpakket van alle schulddienstverleners. Sinds de verkorting van de aflostermijn een steeds belangrijker onderdeel. Daarom deed de RSD mee aan de Expeditie over dat thema. ‘Als je de regie bij de ander laat, begint er al een stukje begeleiding.’
‘Ik ben best wel aan het zoeken geweest naar de juiste manier om de nieuwe NVVK-modules nazorg en begeleiding vorm te geven, ook samen met het team’, zegt kwaliteitsmedewerker Michelle Brouwer. ‘Deze Expeditie leek me een mooie kans om met andere gemeenten in gesprek te gaan over hoe zij het doen. Maar ook om de NVVK te vragen om wat meer handvatten.’ Daarom meldde ze zich samen met schulddienstverleners Shelly Manders en Dayenne van Zuylen aan als team Wegwijzers.’

Dayenne van Zuylen, Michelle Brouwer en Shelly Manders
Opfrissen
Manders stak al meteen bij de start van de Expeditie wat op. ‘In het begin ga je je rugzak vullen, allerlei informatie verzamelen over je werkwijze. Omdat ik nog niet zo lang als schulddienstverlener werk, vond ik het handig om dat een beetje op te frissen. Maar voor iedereen is het nuttig om je bewust te worden wat we hier doen en waarom.’
Niet oordelen
Ook het oefenen met concrete, open vragen stellen en niet-oordelend luisteren vond Manders nuttig. ‘Je hebt in een gesprek snel de neiging iets in te vullen. Als iemand 3 keer niet op een afspraak is geweest denk je al snel: niet gemotiveerd. Maar dat weet je helemaal niet.’ Van Zuylen benadrukt dat het hierbij zoeken is naar balans. ‘Ik begrijp dat er redenen zijn waarom iemand niet komt of zijn kop in het zand steekt. Je wil iemand nog een keer een kans geven, maar op een gegeven moment is het ook wel echt klaar.’
Regie bij de inwoner
Brouwer heeft vooral van de Expeditie opgestoken om de inwoner te laten bepalen welke stappen er worden gezet. ‘Als hulpverlener, ben je geneigd om dingen uit handen te willen nemen. Maar dan gaat een inwoner achteroverleunen. Als je de regie bij de ander laat, begint er al een stukje begeleiding.’
Ze benadrukt wel dat dat dit soms niet kan. ‘Je hebt ook te maken met schuldeisers die druk uitoefenen. Het blijft zoeken naar balans. Wanneer laat je de inwoner het tempo bepalen en wanneer concludeer je dat iemand nog niet klaar is voor schuldhulp of zet je meer hulp in?’
Sparren en feedback
Tijdens de Expeditie werd er regelmatig gespard met de andere 4 teams. ‘Bij de opdrachten kon je in break-outrooms informatie uitwisselen’, vertelt Manders. ‘Het ging al gauw over andere zaken dan specifiek het onderwerp wat we dan meekregen. Maar het is altijd leerzaam om te zie hoe het ergens anders gaat.’ Brouwer vult aan: ‘Je weet wel dat je andere gemeentes kan benaderen met vragen, maar dat komt er niet van. Er is over het algemeen gewoon veel werkdruk.’
De teams gaven ook feedback op elkaars opdrachten. Brouwer wil er nog eens voor gaan zitten om te kijken wat ze daarvan nog kunnen meenemen. Van Zuylen vond het zelf lastig om feedback te geven: ‘Je kunt wel naar het format van een andere gemeente kijken, maar je weet niet hoe ze er in de praktijk mee werken. Wij hebben bijvoorbeeld een heel uitgebreid format voor het intakegesprek. Maar we gaan echt niet alles afvinken, het is een leidraad.’
Positieve draai aan afgebroken traject
Van Zuylen hoorde op het eindevent nog een mooie eyeopener. ‘Een andere gemeente stuurt na afbreken van een traject een eindbeschikking die ook positieve dingen benoemt: deze stappen heb je gezet. Het is niet gelukt om door te gaan, maar je bent altijd welkom om je opnieuw te melden. Zoiets wil ik ook wel gaan gebruiken.’ Brouwer vult aan dat ze nu ook overweegt bij afgebroken trajecten nazorg te bieden: het is toen niet gelukt, maar hoe is het nu met je? Sta je nu wel open voor hulp?
Gewoon beginnen
Heeft Brouwer door de Expeditie antwoord op al haar vragen gekregen? ‘Voor nazorg wel. Bij de laatste opdracht heb ik daarvoor een format geschreven. Dat delen we deze week met het team. Een andere gemeente ging dat format zelfs een-op-een overnemen! De nazorg voor afgebroken trajecten staat voor het vierde kwartaal op de planning. Ook in de begeleiding hebben we stappen gezet, maar het format daarvoor mag nog wat concreter worden.’
‘Ik heb de NVVK gevraagd mee te denken over hoe we van het format echt een hulpmiddel voor onszelf en de inwoners kunnen maken. Dat collega’s niet denken: nu moet ik nóg iets bijhouden. Maar op een gegeven moment moet je gewoon met een bestaand format aan de slag en kijken wat er wel of niet werkt.’
Spannend
De Expeditie bleef tot op het laatst spannend. Brouwer denkt dat ze hebben gewonnen omdat ze veel tijd en energie in de opdrachten staken. ‘We wilden alle punten behalen. Maar we gingen ook constant reflecteren: hoe doen wij het nou eigenlijk en hoe doen andere gemeentes het en wat kunnen we daaruit halen?’
Zo ging er veel tijd in de Expeditie zitten, maar was het wel het leerzaamst. Van Zuylen voegt er nog aan toe dat ze het leuk vond om eens op een andere manier met het werk bezig te zijn. ‘Ik zou anderen zeker aanraden om tijd voor de Expeditie te maken.’