Overslaan en naar de inhoud gaan

Met dit regeerakkoord dreigt een toename van armoede en schulden

NVVK bepleit integrale uitvoering IBO-rapport

Met dit regeerakkoord dreigt een toename van armoede en schulden

2 februari 2026

Het is positief dat de coalitie van D66, CDA en VVD structureel 150 miljoen euro extra per jaar investeert in armoede- en schuldenbeleid. Tegelijkertijd is het cruciaal dat deze middelen niet her en der worden ingezet, maar als onderdeel van een samenhangend pakket aan maatregelen. Dat pakket is er al: het breed gedragen IBO-rapport.

Hieronder formuleert de NVVK 7 aandachtspunten voor de nieuwe coalitie. We nodigen de nieuwe bewindspersoon voor armoede- en schuldenbeleid graag uit voor een werkbezoek om het onderstaande vanuit de praktijk verder toe te lichten. 

1. Toename armoede en schulden dreigt

Hoewel de nieuwe structurele middelen die in het coalitieakkoord staan (150 miljoen euro) welkom zijn, is onduidelijk wat precies onder deze investeringen valt en welke keuzes daarin worden gemaakt. Tegelijkertijd vinden ingrepen plaats in de sociale zekerheid die het risico vergroten dat méér mensen in armoede en schulden terechtkomen, zoals bezuinigingen en versoberingen in uitkeringen. Dat roept de vraag op of 150 miljoen voldoende is om deze effecten te compenseren. Met name de verkorting van de WW kan mensen sneller richting een complex en onzeker bijstandsregime duwen, wat schulden in de hand werkt.


Dit beleidspakket uit het Interdepartementaal Beleidsonderzoek (IBO) naar de schuldenketen ligt klaar voor uitvoering

2. Preventie verdient prioriteit

Het regeerakkoord zet in op eenvoud, voorspelbaarheid en maatwerk, en erkent het belang van preventie. Voorkomen dat mensen in financiële problemen komen levert inderdaad veel meer maatschappelijke winst op dan het achteraf oplossen ervan. Juist hier ligt ook een duidelijke verantwoordelijkheid voor de overheid zelf. Relatief kleine overheidsboetes kunnen heel snel oplopen naar forse bedragen. Wat moet je doen als je wel wilt, maar niet kunt betalen?

De overheid is de meest voorkomende schuldeiser. Het is onacceptabel dat hulpverleners achteraf schade moeten herstellen terwijl betere bescherming vooraf mogelijk was.

3. Ontstaan van schulden: bredere blik nodig

Naast (te) snel stijgende overheidsvorderingen spelen ook commerciële prikkels een rol bij het ontstaan van schulden, zoals Buy Now Pay Later-constructies, flitskredieten en leaseconstructies voor ondernemers. Ook de incasso- en gerechtsdeurwaarderspraktijk – met oplopende kosten en gebrek aan overzicht – verdient nadrukkelijk aandacht. Dit raakt direct aan het ontbreken van een inkomen waarvan mensen daadwerkelijk kunnen rondkomen: gebrek aan bestaanszekerheid is het gevolg.

4. Versterk uniformiteit en harmonisering

De harmonisering en uniformering van gemeentelijk armoede- en schuldenbeleid krijgt deels al vorm in het project Basisdienstverlening schuldhulpverlening. De coalitie wil hier mee verder, en dat is inderdaad van groot belang. Het maakt van schuldhulpverlening voorspelbare dienstverlening, overal in het land.
Ook op andere gebieden zet de coalitie stappen. Er komt een vaste betaaldag voor overheidsuitkeringen: een wenkend perspectief. Eén duidelijke betekenis van een begrip als ‘inkomen’ zou ook heel behulpzaam zijn.

Uniformiteit door heel Nederland vergroot voor inwoners de begrijpelijkheid van overheidsbeleid. Tegelijkertijd mag uniformiteit geen ‘wasstraat’ worden: maatwerk en professionele afweging blijven noodzakelijk.


Op deze kaarten (er zijn er 6) is zichtbaar hoe ver gemeenten zijn met elementen uit de Basisdienstverlening schuldhulpverlening

5. Help de sector meebewegen naar menselijke maat

Het centraal stellen van de hulpvrager, zoals deze coalitie nastreeft, vraagt om een nieuwe beroepshouding. Investeren in vakmanschap – van systeemdenken naar menselijke maat – is daarvoor noodzakelijk. Daarbij is een integrale aanpak cruciaal: schuldenproblematiek raakt gezondheid, opvoeding en participatie. Het is positief dat het kabinet inzet op preventie en snel toeleiden naar de juiste hulp. Ook wij vinden dat mensen met financiële zorgen de juiste hulp moeten krijgen in het sociaal domein (schuldhulpverlening dus). Ze moeten niet blijven 'hangen' bij jeugdzorg, de ggz of de huisarts wanneer financiële problemen eigenlijk de oorzaak zijn. Succesvolle pilots op dit gebied moeten structureel beleid worden. Aan dat laatste ontbreekt het vaak.

6. Formuleer een echte ambitie

Waar het kabinet spreekt over 'zoveel mogelijk' mensen uit de armoede halen, pleit de NVVK voor concrete en meetbare doelen, in nauwe samenwerking met de uitvoering. Extra aandacht is nodig voor specifieke doelgroepen, zoals (ex-)gedetineerden en jongeren. Effectief straffen (wat de coalitie nastreeft) is wat ons betreft vooral: voorkomen van recidive. Daar hoort een schuldenvrije start na de gevangenisstraf bij. Ook jongeren gunnen we een schuldenvrij perspectief en het behalen van een diploma zodat ze een echte toekomst hebben.

7. Zorg voor leefbaar sociaal minimum in Caribisch Nederland

De inzet op een leefbaar sociaal minimum in Caribisch Nederland is urgent. De stijgende kosten van levensonderhoud deden eerdere verbeteringen in het minimumloon grotendeels teniet. Mensen hebben nauwelijks financiële ruimte, wat het risico op schulden vergroot. Het uitvoeren van alle aanbevelingen van de commissie Thodé vormt hier de ondergrens voor bestaanszekerheid. Of de beschikbaar gestelde middelen hiervoor voldoende zijn, is de vraag.

Samen aan de slag

De uitnodiging van de coalitie om uitvoerders vanaf het begin te betrekken bij beleid nemen we graag aan. Alleen door samenhangend en duurzaam beleid, preventie, bescherming van bestaanszekerheid en een goede uitvoeringstoets kunnen we duurzaam werken aan het terugdringen van armoede- en schuldenproblematiek.

Reageren? Renate Richters, voorzitter NVVK

Lees het hele coalitieakkoord hier