Op deze pagina vindt u antwoorden op veelgestelde vragen over vroegsignalering. Staat uw vraag er niet tussen? Neem dan contact op via projecten@nvvk.nl of bekijk de pagina www.nvvk.nl/vroegsignalering.
Veel gestelde vragen Vroegsignalering
-
Nemen alle vastelastenpartners deel aan het Landelijk convenant Vroegsignalering?
Het Landelijk Convenant Vroegsignalering is ondertekend door de koepels VNG, NVVK, Energie-Nederland, Vewin, Aedes, IVBN, Kences, Vastgoed Belang, VGM NL en Zorgverzekeraars Nederland. Als onderdeel van dit convenant werd een LCV modelovereenkomst vastgesteld.
Hoewel inmiddels ruim 2.500 vastelastenpartners het modelconvenant gebruikten, is dit geen verplichting voor de leden van deze koepels. Daarnaast zijn er ook vastelastenpartners die niet aangesloten zijn bij een van de deelnemende koepels / brancheverenigingen.
Het maken van afspraken is echter wel nodig. Soms zijn er bestaande afspraken die gecontinueerd worden. Zo niet maken gemeenten veelal gebruik van de modelovereenkomst als basis voor afspraken met álle vastelastenpartners die graag bij de gemeenten willen aanleveren, zodat de uniformiteit in aanlevering en proces, en zorgvuldige omgang met persoonsgegevens gewaarborgd wordt.
-
Mogen betaalachterstanden van andere schuldeisers, zoals de lokale belastingen ook doorgezonden worden aan schuldhulpverlening?
Nee. In de wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) en het besluit gemeentelijke schuldhulpverlening (Bgs) is vastgelegd welke betalingsachterstanden gemeenten als vroegsignaal mogen ontvangen. Lokale belastingen vallen hier niet onder.
De Wgs biedt wel ruimte om te experimenteren met signalen van andere schuldeisers. Hiervoor kan een plan voor een experiment worden ingediend bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW). Via een ministeriële regeling kan vervolgens voor maximaal vijf jaar ruimte worden geboden voor het experiment. In deze tijdelijke regeling worden de deelnemers en de voorwaarden voor het experiment vastgelegd.
-
Wie is verantwoordelijk voor de gegevensverwerking?
De gemeente is verantwoordelijk voor de verwerking van de gegevens vanaf het moment dat het signaal via het digitale meldpunt bij de gemeente is aangeleverd. Vanaf dat moment is de gemeente ook verantwoordelijk om (conform het eigen beleid) op het signaal te acteren.
De gemeente kan de behandeling van (een deel van de) signalen uitbesteden aan een of meer andere organisaties. De gemeente blijft daarbij eindverantwoordelijk voor een zorgvuldige verwerking van de gegevens en een goede afhandeling van eventuele klachten.
-
Moeten wij voor klanten die bij ons bekend zijn als ‘onder bewind’ nog specifieke actie ondernemen?
Nee. Voor vroegsignalering maakt het in basis geen verschil of een inwoner onder bewind staat. Signalen over deze inwoners worden op dezelfde manier aangeleverd als andere signalen.
Ook wanneer een inwoner onder bewind staat, is het thuisadres het uitgangspunt voor het vroegsignaal. Zo kan de gemeente het hulpaanbod richten aan de inwoner. Een postadres kan het adres van de bewindvoerder zijn en is daarom niet het uitgangspunt voor vroegsignalering.
-
Hoe worden de afspraken uit het Landelijk convenant Vroegsignalering gemonitord en geëvalueerd?
De convenantpartners evalueren jaarlijks de samenwerking en de afspraken zoals gemaakt in het convenant en de modelovereenkomst. Waar mogelijk worden hiervoor gegevens en rapportages uit de Monitor Vroegsignalering Schulden van Divosa gebruikt.
Wilt u ervaringen, aandachtspunten of verbeterpunten meegeven voor de evaluatie? Geef deze dan bij voorkeur door aan de koepelorganisatie die uw organisatie of sector vertegenwoordigt.